Life settlements

Life settlements

Industrie

Industrie

Investeren

Investeren

Due diligence

Due diligence

Nieuws en berichten

Nieuws & Artikelen

You are here: Home > Life settlements > Mythes

Search

 

Silver Advertenties



Contact us

Ronald van de Langenberg
Life Settlement Consultant
Arnhemsestraat 94
6794 AL Leuvenheim,
Nederland

Tel: +31 - 624 486 892
Mob: +31 - 624 486 892
Fax: +31 - 575 741 820
info@psilovouno.com


Mythes

De life settlements industrie is een jonge bedrijfstak met veel startende aanbieders en weinig gevestigde deskundigen. Het is daarom ook niet verrassend dat men elkaar vaak napraat en dat misverstanden niet worden gecorrigeerd. Ik zal in het reine komen, ook ik heb me wel eens schuldig aan gemaakt aan het herhalen van onzin zonder de werkelijkheid te controleren. Ik hoop met deze boetedoening op vergeving.

Sommige van de mythes (zoals de 'Clinton-Act') zijn tamelijk onschuldig, andere misverstanden (zoals het onbegrip over life expectancies) zijn ronduit schadelijk en moeten echt uit de wereld teneinde problemen te voorkomen.

Belangrijk is om in te zien dat er ook bij verschillende aanbieders nog diverse mythes worden verteld en herhaald, omdat men zelf ook niet beter weet.

Onderstaand heb ik een niet limitatief lijstje met voorkomende mythes en sprookjes opgenomen. Ik nodig iedereen uit om hieraan verder bij te dragen.

Na de opsomming zullen we Mythes ontmaskeren.


OVERZICHT MYTHES EN SPROOKJES:

Over Life Settlements:

- "Omdat iedereen sterft is het rendement 100% gegarandeerd"
- "Vanwege het verschil tussen de uitkeringswaarde en de aankoopwaarde zal elke polis winst opleveren"
- "Minimale winst of minimaal rendement"
- "xx% van de polissen vervalt voortijdig ("lapse")"
- "De afkoopwaardes zijn absurd laag"

Over Life Expectancies:

- "Life expectancies geven aan hoe lang iemand naar verwachting nog leeft"
- "Statistieken bewijzen dat Life Expectancies 96% betrouwbaar zijn"
- "Voor het bepalen van een Life Expectancy wordt de verzekerde door een keuringsarts onderzocht"

Over premies:

- "Alle premies zijn vooruitbetaald"

Over herverzekering:

- "A-rated herverzekeraars"

Over ethiek:

- "Beleggen in life settlements is onethisch"
- "Als iemand een financieel belang krijgt bij andermans dood, is dat vroeg of laat vragen om problemen"

Overig:

- "Er is in 2006 $ 15 miljard geïnvesteerd in life settlements"
- "De Clinton Act heeft de handel in life settlements mogelijk gemaakt"
- "Vanwege de Clinton Act kunnen verzekerden de opbrengst belastingvrij ontvangen"



DE MYTHES ONTMASKERD

LIFE SETTLEMENTS ALGEMEEN

"Omdat iedereen sterft is het rendement 100% gegarandeerd"

Deze stelling is een gevaarlijke vereenvoudiging van de werkelijkheid en uiteindelijk volkomen onjuist. Dat iedereen ooit zal overlijden is een stelling die boven elke redelijke twijfel is verheven. Dat wil echter nog niet zeggen dat rendementen "100% zijn gegarandeerd" of dat er anderszins "100% zekerheid" bestaat.

Op de eerste plaats weten we niet wanneer iemand zal overlijden, dus rendementen van life settlements (althans in termen van jaarlijks rendement) kunnen onmogelijk vast staan.

Op de tweede plaats is er nog wel het een en ander noodzakelijk voordat de uitkering van de polis ook bij de klant komt. Een kort en zeker geen volledig overzicht van de risico's die een uitkering kunnen bedreigen:
  • de verzekeraar komt in financiële problemen;
  • de verzekeraar keert niet uit vanwege problemen met de polis;
  • de premies zijn niet voldaan, dus de polis is vervallen;
  • de aanbieder gebruikt de uitkering om eerst zijn eigen schulden af te lossen;
  • de aanbieder gaat er met de uitkering van door;
  • er vindt geen tracking plaats, dus het overlijden van de verzekerde is onbekend, althans er is geen "death certificate"
  • etc.
Uitkeringen en zeker rendementen zijn NIET 100% gegarandeerd of 100% zeker. Uiteraard heeft de aanbieder maatregelen genomen om de risico's nu en in de toekomst te beheersen en problemen te voorkomen. Maar het suggereren van risicoloze beleggingen is onjuist.



"Vanwege het verschil tussen de uitkeringswaarde en de aankoopwaarde zal elke polis winst opleveren"

In zijn algemeenheid zal een polis een waardestijging opleveren, anders zou er geen industrie zijn ontstaan. Echter het gaat niet op voor alle polissen. Zeker de laatste jaren zijn er op grote schaal levensverzekeringen afgesloten op de levens van welvarende bejaarde Amerikanen. De verzekeraars zijn niet gek en hebben daarom ook een stevige premie in rekening gebracht. Een premie van 5% of meer voor een 75+-er is zeker niet ongebruikelijk. Indien iemand van 75 met een 5% premie (die bovendien nog oploopt), nog 20 jaar leeft, wat best mogelijk is, dan is het nominale bedrag, betaald aan premies, al groter dan de uitkering. Rekening houdend met een investering om deze polis te kunnen kopen is de polis dus verliesgevend (en al eerder dan pas na 20 jaar).

Polissen kunnen dus wel degelijk verliesgevend zijn.

Als vuistregel kan gelden dat life settlements met name een goede kans op een goed rendement bieden wanneer de polis al geruime tijd loopt en er sprake is van "health impairment", dat wil zeggen een gezondheid die (sterk) achteruit is gegaan na het afsluiten van de verzekering. Op dat moment heeft de koper van de polis een beter (lees: "recenter") inzicht in de levensverwachting dan de verzekeraar, en is de kans op een goed rendement groter.


"Minimale winst of minimaal rendement"

Omdat een investeerder niet weet hoe lang een polis nog gaat lopen voordat deze tot uitkering komt, weet hij ook niet wat zijn rendement wordt. Iemand met een "life expectancy" van vijf jaar kan zo maar twintig jaar leven. Als er geen maximum is hoe lang mensen kunnen blijven leven, dan is er ook geen minimum qua rendement. Zoals we hiervoor zagen kan een polis ook verliesgevend zijn.

Theoretisch kan de maximum looptijd worden gesteld op de leeftijd van 100. Daarna worden polissen doorgaans premievrij. Van de resultaten wordt dan overigens niemand meer vrolijk. Verder is veelal nog onduidelijk wat de premies tot aan dat moment doen en hoe lang de persoon nog na de 100 doorleeft.

Er is dus geen minimaal rendement vast te stellen op een individuele polis.

Op een grote portefeuille kan met sterftekansen en waarschijnlijkheidsverdelingen worden gewerkt. In die situaties kunnen, onder bepaalde aannames, met een zekere bandbreedte en een zekere waarschijnlijkheid uitspraken worden gedaan over minimale en maximale rendementen.


"xx% van de polissen vervalt voortijdig ("lapse")"

Kijkend naar de macro-getallen van de Amerikaanse verzekeringsindustrie kan inderdaad worden vastgesteld dat een groot percentage van de polissen vroegtijdig vervalt. Het is evenwel een ernstige versimpeling om dit getal los te laten op de polissen die als life settlement worden aangeboden.

De polissen die als life settlements worden aangeboden zijn vaak polissen die op hoge leeftijd zijn afgesloten en bovendien door het meer welvarende deel van de bevolking. Met andere woorden, niet de typische Amerikaan die zijn polis laat vervallen. Het is redelijker om te veronderstellen dat het "lapse"-percentage onder deze senioren eerder richting 2% tot 5% gaat. Verzekeraars hebben sinds de opkomst van life settlements vijf jaar terug niet stilgezeten en prijzen de lagere lapse in bij ouderen die nog een polis nemen. Ook bestaan er voor de verzekerden vaak nieuwe mogelijkheden zoals de mogelijkheid om eerder een deel van de uitkeringswaarde op te nemen door middel van een lening of een "accelerated death benefit"

De uitspraak van dat x% van de polissen vroegtijdig vervalt kan wellicht juist zijn, maar is nauwelijks relevant voor de polissen die als life settlements worden aangeboden. Bij de premiestelling van de typische life settlement-polissen houden verzekeraars inmiddels nauwelijks tot geen rekening met de voordelen van vervallen polissen.


"De afkoopwaardes zijn absurd laag"

Afkoopwaardes ("cash surrender values") van Amerikaanse Universal Life polissen lijken in onze ogen inderdaad absurd laag. Een afkoopwaarde van $ 25.000 op een polis van $ 1 miljoen en een leeftijd van 80 jaar lijkt onwaarschijnlijk, maar is meer regel dan uitzondering.

De reden is dat de polissen in tegenstelling tot de "endowment" polissen die in Europa gangbaar zijn, geen "spaardeel" hebben. Het zijn "kale" risico-overlijdensverzekeringen. Hierdoor kan gedurende een lange looptijd de premie erg laag blijven. In essentie wordt de premie in die periode bepaalt als: de kans op overlijden in jaar x, maal het verzekerd bedrag. Pas op hogere leeftijd gaat de premie sterk stijgen. Immers de kans op overlijden neemt sterk toe.

De afkoopwaardes in de polissen hebben te maken met het feit dat getracht wordt de premies gedurende bepaalde tijdvakken wat stabiel te houden. Dit betekent dat in de eerste jaren van het tijdvak wat premies worden opgespaard, om de stijging van de "cost of insurance" in het tweede deel van het tijdvak op te vangen.

De meeste life settlements betreffen Universal Life Polissen. Deze polissen zijn risico-overlijdensverzekeringen en kennen in beginsel geen "spaardeel". Afkoopwaardes zijn daarom niet te vergelijken met de "endowment" varianten die in Europa gebruikelijk zijn.



Life Expectancies

"Life expectancies geven aan hoe lang iemand naar verwachting nog leeft"

Een goed begrip van de Life Expectancy is cruciaal voor een goed begrip van Life Settlements. Rondom Life Expectancies heersen een aantal zeer kwalijke misverstanden die samenhangen met een algemeen gebrek aan kennis van de methodes en technieken die de medical underwriters toepassen.

Een life expectancy is primair een statistisch gegeven dat is gebaseerd op representatieve homogene populaties, met andere woorden grote aantallen. Voor de berekening van de life expectancy wordt gebruik gemaakt van relevante sterftetafels. Vervolgens worden "plussen en minnen" toegepast voor de individuele situatie van de verzekerde. Behalve diens gezondheid kunnen ook sociale en andere aspecten een rol spelen.

Als wordt gesproken over een life expectancy, dan is er een grote fixatie op het "getal", bijvoorbeeld zeven jaar. Ook dit is misleidend. Veel belangrijker dan het "getal" is de curve waarop de life expectancy is gebaseerd. Het "getal" is afgeleid van deze curve (de mediaan) en betekent grofweg dat de verwachting is dat 50% vóór deze termijn overlijdt en 50% erna (!).

Fixatie op het "getal" van de life expectancy is een gevaarlijke versimpeling van de werkelijkheid. De curve is wat bepalend moet zijn.

Life Expectancies hebben nauwelijks tot geen relevantie voor individuele gevallen. De relevantie neemt pas toe bij grote aantallen polissen.

"Statistieken bewijzen dat Life Expectancies 96% betrouwbaar zijn"

Medical underwriters trachten hun methodes en technieken elk jaar verder te verbeteren. Hiertoe bouwen zij benchmarks op door de werkelijkheid te vergelijken met de afgegeven verwachtingen. Deze "actual to estimate" cijfers worden gerapporteerd op websites en in publicaties.

Het is echter een misverstand om deze cijfers als "betrouwbaarheid" of "accuratesse" te interpreteren.

Er bestaan belangrijke verschillen tussen "betrouwbaarheid" en "actual to estimate" cijfers. (Dat wil overigens niet zeggen dat deze cijfers helemaal niets zeggen.)

Op de eerste plaats moeten we afscheid nemen van life expectancy als getal en ons concentreren op de onderliggende curve. De curve geeft aan hoe groot de kans is (bij een specifiek voorbeeld) op het overlijden in jaar 1, in jaar 2 etc etc .... tot en met het laatste jaar x+?.

Geprojecteerd op alle Life Expectancies die zijn afgegeven, kan dus na vier jaar worden vastgesteld dat er in werkelijkheid bijvoorbeeld 96 mensen zijn overleden, terwijl er 100 waren verwacht: zie hier een "actual to estimate" van 96%. Let op: een A/E-ratio kan dus ook groter dan 100% zijn. Stel dat er in werkelijk 104 mensen waren overleden. Het is dus niet hetzelfde als "betrouwbaarheid".

Wat zegt dit nu over de betrouwbaarheid ?

Op de eerste plaats moet worden vastgesteld dat er pas sinds ca. vier jaar voldoende LE's worden afgegeven om enige relevantie te hebben. Dat wil zeggen dat het merendeel van de afgegeven LE's (als getal) nog niet is bereikt. Ook is onduidelijk in welke mate bijvoorbeeld "tegenvallers" in korte LE's worden gecompenseerd door "meevallers" in lange LE's (of omgekeerd).

Grofweg kun je stellen dat A/E-ratio's van minder dan 100% betekenen dat de medical underwriters tot dusver in zijn algemeenheid te "optimistisch" zijn gebleken. Waarschijnlijk zal daarom meer dan 50% van de verzekerden langer leven dan de LE (als getal).

Tegelijk bewijst het feit dat de ratio's dicht bij de 100% zitten, dat de medical underwriters geen hele gekke dingen doen en dat over het gehele spectrum van LE's de meevallers en tegenvallers elkaar inderdaad lijken te compenseren.

Hoe dan ook. Het is nog te vroeg om iets over de betrouwbaarheid te kunnen zeggen. Bovendien worden methodes nog steeds verder verfijnd en aangepast.

Medical underwriters rapporteren "actual to estimate" percentages. Dat is iets heel anders als "betrouwbaarheid".

Iemand die roept dat er sprake is van 96% betrouwbaarheid heeft het dus nog niet begrepen.


"Voor het bepalen van een Life Expectancy wordt de verzekerde door een keuringsarts onderzocht"

Geenszins. Waar verzekeraars in voorkomende gevallen kandidaat verzekerden inderdaad kunnen laten controleren, verricht geen van de medical underwriters daadwerkelijk onderzoek naar de patiënt, ook niet via diens eigen huisarts (GP-"general practitioner"). Medical underwriters gaan af op de medische gegevens die zijn verstrekt via de aanvraagformulieren bij het aangaan van de polis, aangevuld met de andere (recentere) medische gegevens.

Let op: een verzekerde heeft er een belang bij om zo ziek mogelijk te lijken, dat verlaagt namelijk zijn life expectancy en verhoogt derhalve de opbrengst van zijn polis.

Medical underwriters maken evenwel geen gebruik van keuringsartsen.


Premies

"Alle premies zijn vooruitbetaald"

Het is inderdaad erg belangrijk ter voorkoming van ongelukken dat premies vooruit worden betaald. Maar "alle" premies, dat grenst aan het onmogelijke en wellicht ook het onverstandige.

Ten aanzien van de premies geldt dat een aanbieder niet weet (1) hoe lang deze zullen lopen en (2) hoe hoog deze zullen oplopen.

Als er wordt gesteld dat er "vooruitbetaald" is, is het een interessante vraag aan wie er is vooruitbetaald. Het vooruitbetalen aan een verzekeraar leidt ertoe dat de teveel betaalde premies simpelweg vervallen aan de verzekeraar. In vrijwel alle gevallen zullen dus vooruitbetaalde premies niet zo zeer "vooruitbetaald" zijn, maar veeleer op een afzonderlijke rekening binnen de structuur zijn gereserveerd.

Ook is het zo dat een premiereserve in contanten, een betrekkelijk lage opbrengst heeft. Met andere woorden, hoe meer in reserve, hoe lager het totaalrendement (maar ook: hoe lager het risico).

Men kan om inzicht te krijgen in de hoogte van de premie voor een bepaalde periode een overzicht vragen van de verzekeraar inzake de te betalen premie. Dit noemt men een polisillustratie. Doorgaans zal deze polisillustratie worden opgevraagd voor ten minste de life expectancy. Vaak zal deze periode worden verlengd door bijvoorbeeld de life expectancy plus twee jaar of plus 50% te nemen. Dit geeft wat meer zekerheid over een langere periode. Door gebruik te maken van deze polisillustraties kan een premiereserve inderdaad precies worden bepaald en "vooruitbetaald" (dat wil zeggen: op een afzonderlijke rekening worden gezet).

Het vooruitbetalen van alle premies is evenwel onmogelijk (want je kunt nooit weten hoe veel) en het vooruitbetalen van te veel premies is onverstandig.


Herverzekering

"A-rated herverzekeraars"

Er bestaan voor zover wij kunnen vaststellen geen A-rated herverzekeraars  die het lang-leven ("longevity") risico van individuele polissen herverzekeren, dat wil zeggen geen herverzekeraars met een A-rating van de erkende rating-instituten als Moody's, Standard & Poors, Fitch of AM Best.  Zeker, er zijn grote financiële instellingen die allerlei soorten producten samenstellen die uiteindelijk een soortgelijk doel dienen, echter tot het tegendeel is bewezen:

A-rated herverzekeraars zijn niet in de life settlement industrie actief met de (her)verzekering van het longevity risk op individuele polissen.

Er bestaan overigens wel degelijk herverzekeraars op "droom"-eilanden in de Caribbean of de Indische Oceaan, maar ja, als je daar ooit wilt gaan claimen of een proces aanspannen...
Nog vrij recentelijk (medio 2007) is weer een aanbieder van een product met een dergelijke herverzekering tegen de lamp gelopen. De herverzekeraar op Vanuata bleek niet te bestaan.

De afgelopen jaren zijn diverse schandalen aan het licht gekomen waarbij herverzekerde producten helemaal niet de extra zekerheid brachten die ze beloofden. Binnen de life settlement industrie heerst er daarom veel argwaan tegen 'herverzekerde' producten en wordt de voorkeur gegeven aan producten waaraan een goed gespreide portefeuille ten grondslag ligt.

De eerste eis van een herverzekeraar is dat deze is gevestigd in een land met een goed ontwikkeld juridisch systeem, zodat je rechten kunt ontlenen aan de overeenkomst die je hebt gesloten en waarvoor je hebt betaald.

De tweede eis is dat een herverzekeraar een vergunning heeft om verzekeringsproducten af te sluiten. Deze vergunning moet verifieerbaar zijn in het land waar de verzekeraar is gevestigd én in het land waar hij deze herverzekering aanbiedt.

De derde eis is dat de verzekeraar een rating heeft van een erkend en onafhankelijk instituut: Moody's, Fitch, Standard & Poors, AM Best ... etc. Dun & Bradstreet (waarmee wel eens wordt geschermd !!!) hoort hier zeker niet bij omdat die geen zelfstandig onderzoek doen naar de cijfers die ze krijgen.

Tot het tegendeel is bewezen ga ik de stelling aan dat er geen enkele herverzekeraar in de wereld actief is op de retail markt voor life settlements die aan deze drie criteria voldoet.

Iets anders is dat er wel financiële instituten zijn zoals investment banks, die financieringsarrangementen treffen op life settlement portefeuilles en bijvoorbeeld inleg- of bankgaranties afgeven. In dat geval spreken we echter niet over A-rated herverzekaars, maar garantieproducten. Ook is het mogelijk dat longevity risico's in zijn algemeenheid worden gehedged met indexproducten van Credit Suisse, JP Morgan of Golman Sachs. bij deze indexproducten is echter de relatie met de specifieke individuen in de portefeuille losgelaten en wordt gekeken naar bepaalde representatieve groepen.


Ethiek

"Beleggen in life settlements is onethisch"

Bovenstaande stelling heeft vooral te maken met onbegrip van het product en een algemene belevingswereld waarin geen plaats is voor de realiteit dat overlijden onlosmakelijk bij het leven hoort.

Er zijn tal van mensen die geld "verdienen" aan andermans dood. Laten we beginnen bij de begrafenisondernemer, de bloemist, de maker van de grafsteen etc etc.

De kring is echter veel breder. Iedereen die een pensioenregeling of een levensverzekering heeft, profiteert van het overlijden van anderen. Het vroeger overlijden van de een, biedt financiering van een verzekerd bedrag of een pensioenkapitaal van de ander. Dit is al eeuwen zo.

Life settlement is een product dat is gebaseerd op de handel in levensverzekeringen. Door het afsluiten van de levensverzekering ontstaat er een financieel belang bij het overlijden van een ander, niet door de verkoop daarvan.

Life settlements maken de waarde van een levensverzekeringspolis zichtbaar en verhandelbaar, maar aan de polis zelf verandert niets.

Het is daarom onzin om te stellen dat life settlements als zodanig onethisch zijn. De discussie zou moeten zijn of levensverzekeringen onethisch zijn. Ik denk dat we daar inmiddels wel uit zijn.

In het Financieel Dagblad werd onze opvatting hierover gepubliceerd.


"Als iemand een financieel belang krijgt bij andermans dood, is dat vroeg of laat vragen om problemen"

Zoals gezegd het financieel belang bij andermans overlijden ontstaat door het afsluiten van de verzekering, niet door het verhandelen daarvan.

Desalniettemin valt niet te ontkennen dat er een belang gaat ontstaan. Met name de Amerikaanse verzekerde kan zich bepaald ongemakkelijk voelen bij dat idee. Om deze reden plaatsen professionele brokers hun polissen bij professionele providers, die op hun beurt de life settlements bij voorkeur plaatsen bij beheerders van grote portefeuilles. Door de omvang en de spreiding van portefeuilles is het belang van een individuele polis beperkt voor de performance van het geheel.

Hoewel de overheersende praktijk is dat polissen worden geplaatst bij professionele beheerders en professionele partijen zoals institutionele financiers, hedge funds, pensioenfondsen en verzekeraars, zijn er ook nog steeds partijen die voor de retailmarkt één-op-één life settlements aanbieden. Deze praktijk is uiterst ongewenst en legt een zware verantwoordelijkheid op de aanbieders om de identiteit en de privacy van de verzekerde te beschermen.

"Vragen om problemen?" Gelukkig is daarvan binnen de industrie waar inmiddels honderdduizenden polissen zijn verhandeld, nog nooit iets gebleken.

De verschuiving naar portefeuilles beheerd door professionele partijen moet dit naar de toekomst ook uitsluiten.



Overig

"Er is in 2006 $ 15 miljard geïnvesteerd in life settlements"

Er is grote onduidelijkheid over de omvang van de life settlement industrie. Zelfs de Life Insurance Settlement Association ("LISA") slaagt er niet in om goede berekeningen te maken van de omvang. Niet alle providers en financing entities zijn leden van LISA en niet alle leden doen opgave van hun volume. Om deze reden blijft de omvang van de markt een schatting.

De laatste schatting van LISA was overigens dat de markt in 2006 $ 12 miljard bedroeg. Er zijn eerder ook schattingen van $ 15 miljard en zelfs $ 18 miljard gepubliceerd. Wie het weet mag het zeggen. Duidelijk is wel dat de omvang groot is geworden en dat de handel nog elk jaar stijgt.

Het belangrijke misverstand is evenwel dat de $ 12 miljard niet het bedrag is dat is geãnvesteerd, maar de som is van de corresponderende verzekerde bedragen.

Betalingen aan de broker/verzekerde op een polis bedragen volgens recent onderzoek van LISA gemiddeld ca 20% van het verzekerde bedrag. Vanwege de stijgende prijzen, mag dit percentage in 2007 wellicht wat hoger zijn. Dat betekent dat de feitelijke betalingen aan de broker/verzekerde in dit product ca $ 2,4 miljard bedragen (gebaseerd op de $ 12 miljard aan verzekerde bedragen). De uiteindelijke investeringen door de eindinvesteerders zal ca 50% tot 100% hoger zijn dan dit bedrag vanwege de kosten van providers, service verleners, financing entities, maar met name vanwege de premiereserveringen. Dit brengt de schatting voor de totale bruto omzet op $ 3,6 tot $ 4,8 miljard. Nog steeds omvangrijk dus. Ook de sterke groei blijft een feit.

De omvang van de markt wordt doorgaans gerapporteerd in termen van de som van de verhandelde verzekerde bedragen, niet de werkelijke investeringen door investeerders.


"De Clinton Act heeft de handel in life settlements mogelijk gemaakt"

Waarschijnlijk omdat Bill Clinton een positief imago heeft in Europa, heeft dit altijd aardig geklonken en is er weinig moeite gedaan vanuit de VS om dit beeld bij te stellen. Er bestaat echter geen "Clinton Act". Doorgaans wordt hiermee gerefereerd aan de HIPAA-wetgeving die in 1996 werd aangenomen.

Het begunstigen van derden in ruil voor geld is al toegestaan sinds 1911. In een zaak van de erven Burchard (lees: Russell) tegen de arts Grigsby werd bepaald dat Dr. Grigsby die de polis van zijn patiënt Burchard had gekocht inderdaad recht mocht doen gelden op de opbrengsten van diens levensverzekering. (Grigsby vs Russell)

Aan het einde van de jaren '80 was er een belangrijke handel in viaticals. Dit zou niet kunnen kloppen met de stelling dat Clinton in 1996 de handel legaliseerde.

Iedereen die met life settlements werkt zou dit moeten snappen. Sinds 1911 bestaat er al rechtspraak van de Supreme Court die de verhandelbaarheid van polissen toestaat.


"Vanwege de Clinton Act kunnen verzekerden de opbrengst belastingvrij ontvangen"

Dit soort misverstanden is hooguit ergerlijk, maar niet schadelijk. Dit sprookje is ten dele waar, doch meestal niet relevant als het gaat om (senior) life settlements.

In de HIPAA-wetgeving (die feitelijk ging om de hervorming van het ziektekostenstelsel in de Verenigde Staten) werden aan het einde enkele artikelen opgenomen voor ernstig zieke patiënten. Dit kunnen zowel terminale patiënten zijn (met een life expectancy van minder dan 24 maanden) als onder strikte voorwaarden chronische patiënten. Voor deze patiënten werd inderdaad bepaald dat zij onder voorwaarden de opbrengsten uit de verkoop van hun levensverzekering belastingvrij mogen aanwenden voor hun medische zorg.

Er bestaat dus inderdaad in de Amerikaanse HIPAA-wetgeving een bepaling die ernstig zieke patiënten in staat stelt om onder strikte voorwaarden de opbrengst belastingvrij te kunnen aanwenden.

Echter, omdat vrijwel iedereen aangeeft in Senior life settlements te handelen en niet in viaticals, is de verwijzing naar deze wetgeving op zijn best irrelevant.

Premium Advertenties



Become a sponsor




Books & Publications

Related articles

> Regulering

Aan het aankopen van een bestaande levensverzekeringspolis in de Verenigde Staten gaat heel wat vooraf. Dat was ooit anders, maar met het volwassen worden van de markt is dat veranderd. ...


> Begrippen

De life settlement industrie heeft een geheel eigen jargon en eigen typische begrippen die u dient te kennen als u een investering overweegt. De belangrijkste begrippen vindt u hier. De ...



Copyright ©2007 Psilo Vouno Management Ltd - Cyprus

Cyprus web design by Braincache™

All rights reserved. Disclaimer